Whoop
Een uitgebreid bloedonderzoek met 44 biomarkers, geïnspireerd op WHOOP Advanced Labs — een diepgaande blik op stofwisseling, hart- en vaatrisico, hormonen, lever, nieren en ontsteking.
Non-HDL-cholesterol is het lipidengetal dat het minst door uw eigen gedrag wordt vertekend. Het is uw totale cholesterol min uw HDL, en dus de cholesterol in alle deeltjes die zich in een vaatwand kunnen nestelen. Waar een berekend LDL heen en weer beweegt op uw triglyceriden, en daarmee op wat u gisteravond at en hoe zwaar u eergisteren traint, blijft non-HDL staan. Er komt geen formule aan te pas en nuchter zijn is niet nodig. Dat maakt het de enige lipidenwaarde die u eerlijk over een heel seizoen naast elkaar kunt leggen. De 3,3 mmol/l op uw uitslag is trouwens een referentiewaarde van de bevolking en geen doel.
Beoordeling door arts inbegrepen
| Uitslag | Waarde (mmol/l) |
|---|---|
| Normaal | < 3,9 |
| Verhoogd | ≥ 3,9 |
Non-HDL-cholesterol wordt berekend als totaal cholesterol min HDL-cholesterol en telt al het "slechte" (atherogene) cholesterol bij elkaar op. Omdat het niet gevoelig is voor nuchter zijn, kan het in niet-nuchter bloed worden bepaald, zoals wij het afnemen. De grens van 3,9 mmol/l is de afkapwaarde van de NHG-Standaard CVRM voor niet-nuchter bloed (80e percentiel). Welke waarde voor u wenselijk is, hangt af van uw totale risico op hart- en vaatziekten: is er een behandelindicatie, dan hanteert de NHG een lagere streefwaarde - < 3,4 mmol/l bij hoog risico en < 2,6 mmol/l bij zeer hoog risico (bijvoorbeeld na een hart- of vaatziekte). Bespreek uw uitslag met uw huisarts.
Bron: NHG Referentiepopulatie: Nederlandse volwassenen (niet-nuchter, 80e percentiel)
Referentiewaarden kunnen variëren tussen laboratoria. Wanneer u een test bestelt, beoordeelt een BIG-geregistreerde arts uw persoonlijke resultaten in context. Bespreek voor behandelbeslissingen uw resultaten met uw huisarts.
Uw uitslag berekent non-HDL door uw HDL af te trekken van uw totaal cholesterol. Wat overblijft is de cholesterol in elk deeltje dat een molecuul apolipoproteïne B draagt: LDL, VLDL, de restdeeltjes die na vetvertering achterblijven, en Lp(a). Precies de deeltjes die zich in een vaatwand kunnen nestelen.
Voor wie zijn bloedwaarden over meerdere trainingsblokken volgt, zit de waarde van dit getal niet in wat het meet maar in wat het níét nodig heeft. Een aftreksom van twee rechtstreeks gemeten waarden kan niet stukgaan. Het berekende LDL op diezelfde uitslag kan dat wel, want dat komt meestal uit de formule van Friedewald, en die trekt uw triglyceriden gedeeld door 2,2 van uw non-HDL af.
Daar zit een addertje dat vrijwel niemand uitlegt. Triglyceriden zijn de beweeglijkste waarde van het hele profiel, en sport en voeding sturen ze rechtstreeks aan. Het gevolg is dat uw berekende LDL kan bewegen zonder dat er ook maar iets aan uw werkelijke deeltjesbelasting verandert.
| Situatie | Triglyceriden | Berekend LDL | Non-HDL |
|---|---|---|---|
| zware duurtraining, een dag eerder | lager | schijnbaar hoger | onveranderd |
| vetrijke maaltijd, enkele uren eerder | hoger | schijnbaar lager | onveranderd |
| niet-nuchtere afname | iets hoger | iets lager | onveranderd |
De tabel gaat uit van een gelijkblijvend totaal cholesterol en HDL en laat zien wat er puur door de formule gebeurt. Een stevige duursessie drukt uw triglyceriden voor ongeveer een tot twee dagen omlaag; de formule trekt dan minder af en uw LDL lijkt gestegen terwijl er niets is gestegen. Een vetrijke maaltijd doet exact het omgekeerde en laat uw LDL kunstmatig zakken. Non-HDL raakt de triglyceriden nooit aan en beweegt in beide gevallen niet.
Dat is de reden dat dit getal in een sportcontext boven het LDL uitsteekt. Het meet niet uw afgelopen week, het meet uw belasting.
Sporters meten hun bloed om vooruitgang te zien. Bij lipiden botst dat op een probleem: het getal dat iedereen volgt, het LDL, wordt meestal berekend en beweegt mee met precies de dingen die een sporter voortdurend verandert.
Duurtraining verlaagt triglyceriden en verhoogt HDL licht. Een krachtblok met een hoge calorie-inname doet iets anders. Een koolhydraatarme periode weer iets anders. Elke keer schuift de formule van Friedewald mee, en elke keer denkt u dat uw LDL iets doet. Non-HDL beweegt alleen wanneer er werkelijk meer of minder aderverkalkende cholesterol circuleert. Het is het enige lipidengetal dat u tussen twee blokken eerlijk naast elkaar kunt leggen, en daarmee de enige waarde die een seizoenslijn oplevert waar u iets aan heeft.
Er is een tweede reden waarom dit voor deze groep telt, en die is ongemakkelijker. Bij magere, goed getrainde mensen die koolhydraatarm eten kunnen LDL en non-HDL fors stijgen, soms tot waarden die bij een sedentair persoon meteen tot een gesprek zouden leiden. Fit zijn is geen vrijstelling. Non-HDL laat die stijging onverbloemd zien, terwijl de lage triglyceriden die bij zo'n dieet horen de rest van het profiel juist geruststellend doen ogen.
Anabole androgene steroïden zijn hier eveneens zichtbaar: ze verlagen HDL sterk en verhogen LDL, en beide bewegingen duwen non-HDL dezelfde kant op. Van alles op uw uitslag reageert non-HDL daar het meest voorspelbaar op.
Neem het getal serieus, want Europa doet dat ook. SCORE2, het risicomodel achter de Europese preventierichtlijn sinds 2021, schat het tienjaarsrisico op hart- en vaatziekten uit vijf gegevens: leeftijd, geslacht, roken, bovendruk en non-HDL-cholesterol. Uw LDL komt er niet in voor.
Wat een goede waarde is, hangt af van uw risicoprofiel. De Europese richtlijn zet het non-HDL-doel steeds 0,8 mmol/l boven het bijbehorende LDL-doel.
| Risicoprofiel | Non-HDL-doel | Wat dat betekent naast de 3,3 op uw uitslag |
|---|---|---|
| zeer hoog | minder dan 2,2 mmol/l | ruim onder de labgrens |
| hoog | minder dan 2,6 mmol/l | nog altijd duidelijk onder de labgrens |
| matig | minder dan 3,4 mmol/l | vrijwel gelijk aan de labgrens, puur toeval |
| laag | de richtlijn noemt hier geen apart non-HDL-doel | het LDL-doel is dan minder dan 3,0 mmol/l |
Let op wat er met die 3,3 mmol/l gebeurt. Het is een referentie-interval van de bevolking dat toevallig vlak bij het doel voor matig risico ligt. Bij een hoger risico is dezelfde 3,3 geen geruststelling maar ruim boven het doel, terwijl uw uitslag niets afwijkends toont. Welke categorie op u van toepassing is, beoordeelt een arts.
En andersom, want dit is de valkuil van een beter ogend getal: als uw arts een beslissing op uw LDL heeft gebaseerd, is een gunstiger non-HDL geen reden om die beslissing naast u neer te leggen. Neem beide waarden mee naar het gesprek, samen met uw ApoB als u dat heeft laten bepalen.
Non-HDL vraagt geen enkele voorbereiding. Nuchter zijn hoeft niet, want van het hele lipidenprofiel is alleen triglyceriden echt maaltijdgevoelig, en die waarde zit niet in de aftreksom. Voor iemand met een strak trainings- en eetschema betekent dat: geen ochtend opofferen en geen sessie verzetten.
Dat wil niet zeggen dat het moment niets uitmaakt voor de rest van uw uitslag. Prik bij voorkeur uitgerust en goed gehydrateerd, en niet vlak na een zware sessie. Na inspanning trekt het plasmavolume tijdelijk samen, waardoor alle concentraties in het bloed iets hoger uitvallen, en uw triglyceriden zitten dan nog in de nasleep van de training. Non-HDL is daar weinig gevoelig voor, maar het berekende LDL en de cholesterolratio op dezelfde uitslag zijn dat wel.
Voor het volgen tussen trainingsblokken is een interval van ongeveer acht tot twaalf weken zinvol. Korter heeft weinig nut: totaal cholesterol en LDL variëren van dag tot dag al vijf tot tien procent en triglyceriden twintig tot vijfentwintig procent, dus een verschil van 0,2 mmol/l tussen twee bepalingen is ruis en geen resultaat. Prik steeds bij hetzelfde laboratorium, anders vergelijkt u ook nog eens twee meetmethoden.
Wacht met prikken tot u een paar weken hersteld bent van een infectie, een operatie of een blessure met veel ontstekingsactiviteit. Cholesterolwaarden dalen in zo'n periode tijdelijk, waardoor het profiel uw gebruikelijke waarde onderschat.
Is uw non-HDL onverwacht hoog, kijk dan eerst naar een oorzaak buiten uw voedingsschema. Een traag werkende schildklier is de klassieke gemiste verklaring en ook een ontregelde bloedsuiker speelt mee. Laat uw TSH en uw HbA1c daarom meelopen voordat u uw macro's gaat herzien.
Omdat non-HDL zowel het LDL-deel als het triglyceridenrijke deel van uw profiel bevat, heeft u twee aangrijpingspunten in plaats van één.
Aan de LDL-kant is de vetkwaliteit doorslaggevend, en dat is bij sporters vaak de blinde vlek: de macro's kloppen, de verdeling bínnen het vet niet. Verzadigd vet vervangen door onverzadigd vet verlaagt LDL en daarmee non-HDL. Oplosbare vezels uit haver, gerst en peulvruchten doen hetzelfde. Wie op een koolhydraatarm of ketogeen schema zit en een fors gestegen non-HDL ziet, kijkt hier het eerst.
Aan de triglyceridenkant werkt uw training al voor u. Duurinspanning verlaagt triglyceriden en verhoogt HDL licht, en dat drukt non-HDL van twee kanten. Alcohol werkt precies andersom: het verhoogt triglyceriden en dus de VLDL-deeltjes die in non-HDL meetellen, ook al ziet uw HDL er daardoor beter uit. Dat is een van de manieren waarop de cholesterolratio u kan vleien terwijl non-HDL dat niet doet.
Gebruikt u anabole androgene steroïden, dan is dit de waarde om niet weg te kijken: HDL keldert, LDL stijgt en non-HDL loopt op. Dat is geen reden voor een aanpassing die u zelf bedenkt, maar wel om er met een arts over te praten en het getal te blijven volgen.
Zoek bij een onverwacht hoog non-HDL altijd eerst naar een oorzaak buiten uw leefstijl. Een traag werkende schildklier of een ontregelde bloedsuiker verklaart meer profielen dan menig voedingsschema. En verander nooit zelf iets aan voorgeschreven medicatie op grond van een uitslag die u zelf hebt besteld.
Deze panelen meten waarden uit dezelfde categorie als deze marker.
Een uitgebreid bloedonderzoek met 44 biomarkers, geïnspireerd op WHOOP Advanced Labs — een diepgaande blik op stofwisseling, hart- en vaatrisico, hormonen, lever, nieren en ontsteking.
Een bloedonderzoek met 36 biomarkers voor prestatie en vitaliteit, geïnspireerd op InsideTracker Ultimate — hart, hormonen, stofwisseling, ontsteking, herstel en ijzerstatus.
Breed gezondheidspanel: hormonen, schildklier, vitaminen, lipiden, lever, nieren en bloedbeeld.
Belangrijk lipidenpanel: LDL, HDL, en Triglyceriden.
We gebruiken cookies om het sitegebruik te analyseren en de effectiviteit van advertenties te meten.
Privacybeleid