Ga naar hoofdinhoud
Your session has expired. Reloading...
Terug naar Blog
Energie & vermoeidheid

Post exertionele malaise: waarom je pas 24 uur later instort

E
Enhanced Health
5 min lezen
Man in winterjas zit uit te rusten op een bankje in het park.
Foto: DESIGNECOLOGIST via Unsplash

Post exertionele malaise is een verslechtering van klachten die pas 12 tot 48 uur na een inspanning opkomt en niet in verhouding staat tot die inspanning. Een half uur boodschappen doen kan twee dagen kosten. Het is het enige vermoeidheidspatroon waarbij harder trainen het beeld aantoonbaar slechter maakt.

Dat is een ongemakkelijke zin op een site over prestaties.

Wij schrijven hier meestal over opbouwen, doorzetten en meten. Bij dit patroon geldt het omgekeerde, en dat hoort een merk dat over sport schrijft gewoon te zeggen.

Wat is post exertionele malaise precies?

Het is de kernklacht van aandoeningen als ME/CVS en komt ook voor bij aanhoudende klachten na een infectie. Kenmerkend zijn drie dingen: de vertraging tussen inspanning en terugslag, de wanverhouding tussen wat je deed en hoe het uitpakt, en de duur van de terugslag. Cognitieve en emotionele inspanning tellen net zo goed mee als lichamelijke.

Die vertraging is wat mensen op het verkeerde been zet.

Je voelt je tijdens de wandeling prima. Soms zelfs de avond erna nog. Pas de volgende ochtend, of de ochtend daarna, valt de klap, en dan lijkt het op iets anders dan de oorzaak.

Hoe verschilt het van gewone trainingsmoeheid?

Gewone trainingsmoeheid is voorspelbaar, staat in verhouding tot de belasting en zakt binnen een tot twee dagen. Ze wordt bovendien minder naarmate je fitter wordt. Post exertionele malaise doet alle drie die dingen niet en neemt juist toe als je de belasting opvoert.

KenmerkGewone trainingsmoeheidPost exertionele malaise
Momenttijdens en direct ernameestal 12 tot 48 uur later
Verhouding tot belastingevenredigonevenredig groot
Duur1 tot 2 dagendagen tot weken
Bij meer trainenneemt af, je wordt fitterneemt toe
Type inspanninglichamelijkook cognitief en emotioneel

Stussman en collega's ondervroegen patiënten uitgebreid over hoe hun terugslag verloopt en beschreven precies dat vertraagde, onevenredige patroon (PMID 33071931). Het rapport van het Amerikaanse Institute of Medicine noemt post exertionele malaise een kernkenmerk van de aandoening (PMID 25695122).

Waarom werkt doortrainen hier averechts?

Omdat de terugslag geen conditieprobleem is dat je wegtraint, maar een reactie die door de inspanning zelf wordt uitgelokt. Elke keer dat je over je grens gaat, kost dat meer dan het oplevert. Programma's die uitgaan van stapsgewijs opvoeren kunnen bij dit patroon tot verslechtering leiden.

Dat is precies andersom dan bij bijna alles wat we hier bespreken.

Neem twee hardlopers die allebei 8 weken na een virus beginnen met 20 minuten. De een voelt zich de dag erna prima en staat drie weken later op 40 minuten. De ander doet precies hetzelfde, voelt zich prima, en ligt anderhalve dag later twee dagen plat. Voor de tweede is het antwoord niet een rustiger schema, maar onder de grens blijven tot die grens zelf opschuift.

Wat wel opbouwbaar is na een gewone infectie staat in hoe lang duurt pfeiffer, en het onderscheid met overbelasting in overtraining symptomen.

Hoe vind je je eigen grens?

Door een paar weken bij te houden wat je deed en hoe je je 24 en 48 uur later voelde, in plaats van alleen hoe het ging op de dag zelf. Die vertraging maakt een dagboek nuttiger dan gevoel. Zoek het punt waaronder geen terugslag volgt en blijf daar voorlopig ruim onder.

Noteer ook je cognitieve dagen.

Een lange vergadering of een emotioneel gesprek telt in dit patroon mee als belasting. Wie alleen zijn trainingen bijhoudt, mist de helft van de verklaring voor een terugslag.

Je rusthartslag en je HRV kunnen daarbij helpen als extra signaal, al zijn ze geen maat voor deze aandoening. Hoe je die reeksen leest staat in HRV waarden per leeftijd en rusthartslag.

Wat kan bloedonderzoek hier wel en niet?

Er bestaat geen bloedtest die post exertionele malaise aantoont. Wat bloedonderzoek wel kan, is andere oorzaken van vergelijkbare klachten zichtbaar maken, zodat die niet onopgemerkt blijven naast het beeld dat je al hebt. IJzergebrek, schildklierproblemen en een B12-tekort komen ook voor bij mensen die hier last van hebben.

Twee dingen tegelijk kunnen waar zijn.

Waarden die daarbij in beeld komen zijn ferritine, TSH, vitamine B12 en hs-CRP, samen te vinden in het 360 gezondheidspanel. Het volledige overzicht staat in bloedtest bij vermoeidheid, en de context van aanhoudende klachten na een virus in post viraal syndroom.

Het Dubbo-onderzoek liet zien dat zo'n aanhoudend beeld bij ongeveer 11 procent van 253 mensen optrad, ongeacht welke verwekker het was (PMID 16950834). Je bent hier dus niet uitzonderlijk in.

Mijn advies: als een rustige inspanning je een dag later omgooit, bespreek dat patroon dan expliciet met je huisarts en noem de vertraging erbij. Die vertraging is het detail dat het gesprek stuurt.

Elk bloedtestresultaat bevat een professionele beoordeling door een BIG-geregistreerde arts. Bespreek voor behandelbeslissingen je resultaten met je huisarts.

Bronnen

  • Stussman B, Williams A, Snow J, et al. Characterization of post-exertional malaise in patients with myalgic encephalomyelitis/chronic fatigue syndrome. Frontiers in Neurology, 2020;11:1025. PMID 33071931.
  • Institute of Medicine. Beyond myalgic encephalomyelitis/chronic fatigue syndrome: redefining an illness. National Academies Press, 2015. PMID 25695122.
  • Hickie I, Davenport T, Wakefield D, et al. Post-infective and chronic fatigue syndromes precipitated by viral and non-viral pathogens: prospective cohort study. BMJ, 2006;333(7568):575. PMID 16950834.
  • RIVM. Pfeiffer, ziekte van. Vragen en antwoorden.
E

Auteur

Enhanced Health

Dr. Naimi, BIG-geregistreerde arts, ziet toe op de medische standaarden achter onze content en beoordelingen. Lees ons medisch beleid

Gerelateerde testen

Gerelateerde berichten