Whoop Women's Health
Een bloedonderzoek met 54 biomarkers voor vrouwen, geïnspireerd op het WHOOP Women's Health Panel — vruchtbaarheids-, cyclus- en schildklierhormonen plus een complete stofwisselings- en voedingsbasis.
Anti-Mülleriaans hormoon (AMH) speelt volgens de NVKC al voor de geboorte een rol bij de vorming van de geslachtsorganen, en bij vrouwen na de puberteit bij de groei en rijping van de follikels, de eiblaasjes. De steuncellen van die follikels maken het, en de NVKC noemt de hoeveelheid in het bloed daarom een maat voor de follikelvoorraad.
AMH daalt bij vrouwen volgens de NVKC vanaf een bepaalde leeftijd met een constante snelheid. Volgens de internationale richtlijn over het polycysteus-ovariumsyndroom (PCOS) ligt AMH in de algemene bevolking ook lager bij een hoger BMI (body mass index, het gewicht ten opzichte van de lengte). Bij PCOS zelf ligt AMH volgens de NVKC juist sterk verhoogd. Of AMH bij iemand laag of hoog uitvalt, blijkt alleen uit een bloedtest.
Unilabs hanteert voor vrouwen van 30 tot en met 34 jaar 0,58 tot 8,13 µg/l, Star-SHL voor dezelfde leeftijdsgroep 0,71 tot 7,59 µg/l. Volgens de NVKC hangt de gemeten hoeveelheid AMH af van de meetmethode, en daardoor kunnen grenzen per laboratorium verschillen.
Beoordeling door arts inbegrepen
AMH is een maat voor de follikelvoorraad in de eierstokken, en bij vrouwen daalt de waarde met de leeftijd. Star-SHL, Unilabs, Certe en Diagnostiek voor U hanteren voor vrouwen grenzen per leeftijd.
Bekijk de waarde die voor jou geldt:
Kies man of vrouw — dit bereik verschilt per geslacht.
Vul je leeftijd in — dit bereik verandert met de leeftijd.
Dit bereik hangt ook af van bijvoorbeeld cyclusfase of afnamemateriaal; de gemarkeerde rijen gelden voor jouw groep.
| Geslacht | Leeftijd | Referentiewaarde (ug/l) | Verhouding op schaal |
|---|---|---|---|
| Man | 1,43–11,6 ug/l |
1,43
11,6
|
|
| Vrouw | · 20–24 jaar | 1,52–9,95 ug/l |
1,52
9,95
|
| Vrouw | · 25–29 jaar | 1,2–9,05 ug/l |
1,2
9,05
|
| Vrouw | · 30–34 jaar | 0,71–7,59 ug/l |
0,71
7,59
|
| Vrouw | · 35–39 jaar | 0,41–6,96 ug/l |
0,41
6,96
|
| Vrouw | · 40–44 jaar | 0,06–4,44 ug/l |
0,06
4,44
|
| Vrouw | · 45–50 jaar | < 1,79 ug/l |
1,79
|
Bijsluiterwaarde: 5e-95e percentiel per leeftijdsgroep (n = 148 mannen; 150 bij 20-24 jaar; 150 bij 25-29; 138 bij 30-34; 138 bij 35-39; 142 bij 40-44; 169 bij 45-50 jaar). AMH is cyclusonafhankelijk en mag op elke cyclusdag worden geprikt. De referentiegroep gebruikte geen hormonale anticonceptie: gecombineerde anticonceptie verlaagt AMH, waardoor een waarde onder de pil laag kan uitvallen. De ondergrens van 0,010 bij 45-50 jaar is de detectiegrens van de test, niet een gemeten percentiel. Een hormoonreferentiewaarde is assay-specifiek; deze waarden gelden voor de Roche Elecsys-methode.
Bron: Roche Diagnostics Referentiepopulatie: Roche referentiecohort (Elecsys AMH Plus bijsluiter)
Referentiewaarden kunnen variëren tussen laboratoria. Wanneer u een test bestelt, beoordeelt een BIG-geregistreerde arts uw persoonlijke resultaten in context. Bespreek voor behandelbeslissingen uw resultaten met uw huisarts.
Check je eigen waarde| Laboratorium | Groep | Referentiewaarde (ug/l) | Verhouding op schaal |
|---|---|---|---|
| Star-shl | · Vrouw · 20–24 jaar | 1,52–9,95 µg/l |
1,52 9,95
|
| Star-shl | · Vrouw · 25–29 jaar | 1,20–9,05 µg/l |
1,2 9,05
|
| Star-shl | · Vrouw · 30–34 jaar | 0,71–7,59 µg/l |
0,71 7,59
|
| Star-shl | · Vrouw · 35–39 jaar | 0,41–6,96 µg/l |
0,41 6,96
|
| Star-shl | · Vrouw · 40–44 jaar | 0,06–4,44 µg/l |
0,06 4,44
|
| Star-shl | · Vrouw · 45–50 jaar | 0,01–1,79 µg/l |
0,01 1,79
|
| Star-shl | · Man · 18–50 jaar | 1,43–11,60 µg/l |
1,43 11,6
|
| Unilabs | · Vrouw · 20–25 jaar | 1,22–11,70 µg/l |
1,22 11,7
|
| Unilabs | · Vrouw · 25–30 jaar | 0,89–9,85 µg/l |
0,89 9,85
|
| Unilabs | · Vrouw · 30–35 jaar | 0,58–8,13 µg/l |
0,58 8,13
|
| Unilabs | · Vrouw · 35–40 jaar | 0,15–7,49 µg/l |
0,15 7,49
|
| Unilabs | · Vrouw · 40–45 jaar | 0,03–5,47 µg/l |
0,03 5,47
|
| Unilabs | · Vrouw · 45–50 jaar | 0,01–2,71 µg/l |
0,01 2,71
|
| Unilabs | · Vrouw · 50 jaar en ouder | 0,00–0,05 µg/l |
0 0,05
|
| Unilabs | · Man · 18 jaar en ouder | 0,77–14,50 µg/l |
0,77 14,5
|
| Certe | · Vrouw · 20–25 jaar | 1,22–11,70 ug/L |
1,22 11,7
|
| Certe | · Vrouw · 25–30 jaar | 0,89–9,85 ug/L |
0,89 9,85
|
| Certe | · Vrouw · 30–35 jaar | 0,576–8,130 ug/L |
0,576 8,13
|
| Certe | · Vrouw · 35–40 jaar | 0,147–7,490 ug/L |
0,147 7,49
|
| Certe | · Vrouw · 40–45 jaar | 0,027–5,470 ug/L |
0,027 5,47
|
| Certe | · Vrouw · 45–50 jaar | 0,01–2,71 ug/L |
0,01 2,71
|
| Certe | · Man · 19 jaar en ouder | 0,77–14,50 ug/L |
0,77 14,5
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 19–20 jaar | 1,22–5,97 µg/L |
1,22 5,97
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 21 jaar | 1,30–6,12 µg/L |
1,3 6,12
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 22 jaar | 1,35–6,28 µg/L |
1,35 6,28
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 23 jaar | 1,41–6,45 µg/L |
1,41 6,45
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 24 jaar | 1,36–6,62 µg/L |
1,36 6,62
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 25 jaar | 1,32–6,79 µg/L |
1,32 6,79
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 26 jaar | 1,26–6,88 µg/L |
1,26 6,88
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 27 jaar | 1,20–6,83 µg/L |
1,2 6,83
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 28 jaar | 1,15–6,74 µg/L |
1,15 6,74
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 29 jaar | 1,11–6,52 µg/L |
1,11 6,52
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 30 jaar | 1,07–6,32 µg/L |
1,07 6,32
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 31 jaar | 0,96–5,97 µg/L |
0,96 5,97
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 32 jaar | 0,87–5,63 µg/L |
0,87 5,63
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 33 jaar | 0,79–5,26 µg/L |
0,79 5,26
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 34 jaar | 0,69–4,87 µg/L |
0,69 4,87
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 35 jaar | 0,63–4,54 µg/L |
0,63 4,54
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 36 jaar | 0,55–4,19 µg/L |
0,55 4,19
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 37 jaar | 0,47–3,85 µg/L |
0,47 3,85
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 38 jaar | 0,39–3,52 µg/L |
0,39 3,52
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 39 jaar | 0,31–3,15 µg/L |
0,31 3,15
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 40 jaar | 0,24–2,83 µg/L |
0,24 2,83
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 41 jaar | 0,20–2,54 µg/L |
0,2 2,54
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 42 jaar | 0,14–2,29 µg/L |
0,14 2,29
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 43 jaar | 0,09–2,05 µg/L |
0,09 2,05
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 44 jaar | 0,07–1,80 µg/L |
0,07 1,8
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 45 jaar | 0,05–1,55 µg/L |
0,05 1,55
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 46 jaar | 0,04–1,44 µg/L |
0,04 1,44
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 47 jaar | 0,03–1,32 µg/L |
0,03 1,32
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 48 jaar | 0,02–1,21 µg/L |
0,02 1,21
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 49 jaar | 0,01–1,11 µg/L |
0,01 1,11
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 50 jaar · een grens, geen bereik | < 1,01 µg/L |
1,01
|
| Diagnostiek voor U | · Vrouw · 52 jaar en ouder · een grens, geen bereik · na de overgang | < 0,1 µg/L |
0,1
|
| Diagnostiek voor U | · Man · 15 jaar en ouder | 2,26–16,86 µg/L |
2,26 16,86
|
Bron: Star-shl
Bron: Unilabs
Bron: Certe
Bron: Diagnostiek voor U
Elke waarde zoals het laboratorium die zelf publiceert, opgehaald in 2026.
In microgram per liter (µg/l) geeft de uitslag weer hoeveel anti-Mülleriaans hormoon het bloed bevat. Star-SHL besteedt de bepaling uit aan het Algemeen Medisch Laboratorium, en volgens Unilabs gaat de bepaling naar het UMC Utrecht.
De internationale PCOS-richtlijn vraagt laboratoria die AMH bij vrouwen meten, grenzen te gebruiken die passen bij hun eigen bevolking en meetmethode. Laboratoria drukken ook grenzen voor volwassen mannen af: Star-SHL 1,43 tot 11,60 µg/l van 18 tot 50 jaar, Unilabs 0,77 tot 14,5 µg/l vanaf 18 jaar.
Een AMH-waarde krijgt pas betekenis naast de grens voor de eigen leeftijd en het eigen laboratorium, omdat AMH bij vrouwen met het ouder worden afneemt en de gemeten hoeveelheid volgens de NVKC van de meetmethode afhangt. Volgens de internationale PCOS-richtlijn is AMH in de algemene bevolking bovendien lager bij een hoger BMI (body mass index, het gewicht ten opzichte van de lengte), en kan het door de menstruatiecyclus heen variëren.
In een groot onderzoek lag AMH bij gebruiksters van hormonale anticonceptie, vergeleken met vrouwen zonder anticonceptie, gemiddeld ongeveer 24 procent lager bij de combinatiepil, 22 procent bij de ring en 23 procent bij een implantaat.
Voor deze bepalingen hoef je niets speciaals te doen.
Je cyclus maakt hier niet uit
Goed om te wetenDeze waarde schommelt nauwelijks, ook niet door een menstruatiecyclus. Je kunt op elke dag prikken.
Voor een ivf-behandeling (reageerbuisbevruchting) raadt de Europese richtlijn AMH of een echotelling van de kleine follikels aan om de reactie op stimulatie te voorspellen. Ook bij onderzoek naar het polycysteus-ovariumsyndroom (PCOS) wordt AMH gemeten. De Nederlandse richtlijn raadt een AMH-bepaling af in het eerste vruchtbaarheidsonderzoek van een stel met een onvervulde kinderwens.
De internationale PCOS-richtlijn noemt dat huidig of recent pilgebruik AMH kan onderdrukken.
Een laag AMH is een waarde onder de ondergrens die een laboratorium voor de leeftijdsgroep hanteert, en die ondergrens verschilt per laboratorium. Star-SHL legt de ondergrens bij 40- tot en met 44-jarige vrouwen op 0,06 µg/l, Unilabs op 0,03 µg/l. Een AMH van 0,05 µg/l valt daardoor bij Star-SHL onder de grens en bij Unilabs erbinnen.
Ook de vorm van hormonale anticonceptie telt mee bij een laag AMH. Een groot onderzoek vond gemiddeld ongeveer 7 procent minder AMH bij een hormoonspiraal en ongeveer 15 procent minder bij de minipil, een pil zonder oestrogeen, dan zonder anticonceptie. Bij een koperspiraal, die geen hormoon afgeeft, was het verschil niet significant.
Of een AMH hoog is, hangt af van de leeftijd, want ook de bovengrens verschilt per leeftijdsgroep. Volgens de internationale richtlijn over het polycysteus-ovariumsyndroom (PCOS) bereikt AMH in de algemene bevolking meestal tussen 20 en 25 jaar zijn hoogste waarde. Star-SHL hanteert als bovengrens 9,95 µg/l bij 20- tot en met 24-jarige vrouwen en 4,44 µg/l bij 40- tot en met 44-jarige vrouwen. Een AMH van 6 µg/l valt bij Star-SHL binnen de grens voor de jongste van die twee groepen en boven die voor de oudste.
De internationale richtlijn adviseert de diagnose PCOS niet te stellen met AMH als enige test.
Leeftijd
De hoeveelheid AMH daalt bij vrouwen vanaf een bepaalde leeftijd, terwijl het FSH stijgt.
Vroegtijdige overgang
Bij een vroegtijdige overgang, waarbij de eierstokfunctie volgens de Europese richtlijn voor het 40e jaar stopt, kan AMH laag zijn. Volgens de Europese richtlijn kan een AMH-bepaling helpen die diagnose te bevestigen als de FSH-uitslag geen uitsluitsel geeft, maar is ze niet de eerste test.
Hormonale anticonceptie
Gebruiksters van hormonale anticonceptie hadden in één onderzoek gemiddeld ongeveer een kwart lagere AMH-waarden dan vrouwen die geen hormonale anticonceptie gebruikten; dat effect bleek omkeerbaar.
Operatie aan een endometriosecyste
Na het verwijderen van een endometriosecyste daalde AMH in een overzicht van onderzoeken gemiddeld, wat wijst op een mogelijk nadelig effect op de eicelvoorraad, al verschilden de onderzoeken onderling sterk.
Chemotherapie bij borstkanker
Bij vrouwen in de vruchtbare leeftijd met borstkanker daalde AMH tijdens chemotherapie bij de meesten tot onmeetbaar laag en bleef het daarna bij de meesten over het algemeen zeer laag.
Polycysteus-ovariumsyndroom (PCOS)
Bij vrouwen met PCOS is AMH volgens de NVKC sterk verhoogd, en volgens de NVKC moet de uitslag voor de diagnose worden gecombineerd met een transvaginale echo, een inwendige echo via de vagina.
Laat een herhaalde AMH-meting door hetzelfde laboratorium doen, omdat de meetmethode volgens de NVKC de uitkomst beïnvloedt.
Noteer of u hormonale anticonceptie gebruikt, en welke vorm, omdat AMH in onderzoek lager lag bij gebruiksters van de combinatiepil, de ring en een implantaat.
AMH-grenzen kunnen per laboratorium verschillen, volgens de NVKC omdat de gemeten hoeveelheid AMH afhangt van de meetmethode. Star-SHL hanteert bijvoorbeeld bij vrouwen in de leeftijdsgroep 35 tot en met 39 jaar 0,41 tot 6,96 µg/l, Unilabs 0,15 tot 7,49 µg/l.
Ja, volgens de internationale PCOS-richtlijn is AMH in de algemene bevolking lager bij een hoger BMI (body mass index, het gewicht ten opzichte van de lengte). Die samenhang geldt voor de bevolking als geheel en geeft geen grens voor één persoon.
Ja, ook mannen hebben AMH in het bloed, en laboratoria drukken er grenzen voor af: Star-SHL 1,43 tot 11,60 µg/l van 18 tot 50 jaar en Unilabs 0,77 tot 14,5 µg/l vanaf 18 jaar.
Deze marker is opgenomen in de volgende testpanelen.
Een bloedonderzoek met 54 biomarkers voor vrouwen, geïnspireerd op het WHOOP Women's Health Panel — vruchtbaarheids-, cyclus- en schildklierhormonen plus een complete stofwisselings- en voedingsbasis.
Medisch adviseur
Dr. Naimi ziet toe op de medische standaarden achter onze content en beoordelingen.
Medisch beleidBeoordeling door arts inbegrepen
Elk resultaat bevat een professionele beoordeling door een BIG-geregistreerde arts. Bespreek voor behandelbeslissingen uw resultaten met uw huisarts.
AMH (Anti-Mülleriaans Hormoon)
€54,-
We gebruiken cookies om het sitegebruik te analyseren en de effectiviteit van advertenties te meten. Privacybeleid